België heeft nood aan een economische strategie en niet aan China-theater
België heeft nood aan een economische strategie en niet aan China-theater
Door Frank Dumon
Een premier van een klein maar strategisch gelegen handelsland zou moeten weten dat welvaart niet gebouwd wordt op insinuaties en geopolitiek theater. Welvaart wordt gebouwd op goedkope energie, sterke infrastructuur, industriële capaciteit, een goed opgeleide bevolking, stabiele handelsrelaties en een staat die zijn bevolking niet uitperst tot de laatste euro. Precies daarom klinken uw recente uitspraken over China niet als staatsmanschap, maar als een afleidingsmanoeuvre.
De Belgische premier is niet ‘bang voor China’, maar bang om verantwoordelijkheid te nemen.
Toen u verklaarde dat Europese leiders "zo bang" zijn voor China dat ze het land niet eens bij naam durven noemen, en dat men liever spreekt over "geo-economische onevenwichten", koos u niet voor helderheid, maar voor spektakel. De scène waarin u vervolgens quasi-schalks vroeg of er journalisten in de zaal waren, was niet moedig, niet geestig en zeker niet strategisch. Het was politiek toneel, een opgevoerd nummertje bedoeld om u te profileren als iemand die zegt wat anderen niet durven zeggen. Maar wat zegt u eigenlijk? Dat Europa bang is voor China? Of dat Europese leiders, en u inbegrepen, bang zijn om verantwoordelijkheid op te nemen voor de puinhoop die zij zelf mee hebben gecreëerd?
België kreunt onder belastingen, lasten zoals btw & accijnzen en energieprijzen
Laten we de zaak omdraaien, en eens juist formuleren: België lijdt niet onder een Chinese samenzwering. België lijdt onder een politieke klasse die belastingen blijft verhogen of herschikken zonder de structurele roofbouw op koopkracht en productiviteit te stoppen. België lijdt onder een Europese elite die spreekt over strategische autonomie terwijl ze haar industrie afhankelijk maakt van dure energie, logistieke onzekerheid en bureaucratische verlamming. België lijdt onder regeringen die hun bevolking discipline prediken, terwijl ze zelf geen enkel coherent economisch project meer hebben.

Dat is de kern. Niet China. De kern is dat de Belgische en Europese machtscentra hun eigen falen externaliseren en China wordt daarbij de perfecte kapstok. Het is ver genoeg, groot genoeg en ideologisch bruikbaar genoeg om alle eigen tekorten op te projecteren: verlies aan concurrentiekracht, industriële achteruitgang, handelsonevenwichten, technologische achterstand en politieke besluiteloosheid. Wat men niet durft toegeven, is dat het Westen vooral wordt ingehaald omdat het zelf zijn economische basis heeft verwaarloosd. België is daar een schoolvoorbeeld van.
We leven in een land met een verstikkende fiscale druk, waar arbeid al jaren zwaarder belast wordt dan in bijna heel de rest van de ontwikkelde wereld. Daarbovenop komt een btw-regime dat voortdurend wordt gebruikt om gaten in de begroting te vullen, terwijl gezinnen en kleine ondernemingen de factuur betalen. Het gaat niet alleen om cijfers, maar om een maatschappelijk model waarin de werkende bevolking steeds meer afdraagt en daar steeds minder materiële zekerheid voor terugkrijgt. De recente wijzigingen in de btw- en accijns stelsels voor 2026 veranderen niets aan die fundamentele ervaring. BDO Indirect Tax News
De Belgische staat is gul voor structuren zoals VOKA en UNIZO maar snoeihard voor zijn burgers. “Flexi jobs” zijn een illustratie van de meedogenloze sociale erosie op de kap van de minstbedeelden in onze samenleving. Een groep die groeit met de dag veroorzaakt door jullie ultra-rechts oorlogszuchtig beleid.
Een regering die hoge NAVO-uitgaven aanvaardt, moet ook uitleggen wie de rekening betaalt

Bart De Wever en Maxime Prévot
België beweegt, zoals andere NAVO-landen, in de richting van hogere defensie-uitgaven. Voor sommigen is dat strategisch noodzakelijk, voor anderen een politieke capitulatie tegenover NAVO druk. Maar in beide gevallen geldt hetzelfde principe: wie meer miljarden voor defensie vrijmaakt, moet ook zeggen wie daarvoor zal betalen en welke binnenlandse noden daardoor verder onder druk komen te staan. Die vraag wordt in België opvallend weinig gesteld. Men spreekt over veiligheid, maar zelden over de budgettaire doorsijpeling ervan in de dagelijkse economie. Men spreekt over internationale verantwoordelijkheid, maar minder over de verantwoordelijkheid tegenover de eigen bevolking. En precies daar wringt het schoentje: wanneer de belastingdruk al uitzonderlijk hoog is, wanneer de energieprijzen structureel zwaar wegen en wanneer de koopkracht onder druk staat, dan is het niet ernstig om nog meer geopolitieke confrontatie te verkopen zonder een sociaal-economische kosten-batenanalyse.
De premier van een havenland zou beter moeten weten
Daar komt nog bij dat de energiekwestie vandaag doelbewust wordt verdoezeld. Sinds de vernietiging van Nord Stream is voor iedereen met ogen in het hoofd duidelijk dat Europa verder verwijderd is geraakt van goedkope en stabiele energiebevoorrading. Men kan blijven discussiëren over schuldvragen, juridische kwalificaties en internationale verantwoordelijkheid, maar het materiële gevolg staat buiten kijf: de Europese economie is in een duurder energieregime terechtgekomen. En een duur energieregime betekent maar een ding: verlies aan industriële slagkracht. Chemie, staal, logistiek, kunstmest, digitalisering, datacenters, artificiële intelligentie, geavanceerde maakindustrie - alles staat of valt met de energieprijs en leveringszekerheid.
Geen enkel ernstig economisch project kan dat ontwijken. Geen enkele premier van België zou dus de luxe mogen hebben om over China te spreken alsof dat de centrale bedreiging is, terwijl zijn eigen land en continent worstelen met een zelfgeorganiseerde aantasting van hun productieve fundamenten. Een regering die meer wil uitgeven aan defensie, die hogere NAVO-doelstellingen zonder veel verzet in het beleidsdebat laat insijpelen, en tegelijk haar bevolking opzadelt met hoge levensduurte, moet de moed hebben om de maatschappelijke rekening openlijk te tonen. Wie zal betalen? De aandeelhouders van de wapenindustrie? Of opnieuw de werkende middenklasse, de kleine zelfstandigen, de gepensioneerden en de jongeren zonder vastgoed of financiële buffer?
In dat opzicht is uw positie extra schrijnend, meneer De Wever, omdat u uit Antwerpen komt. Antwerpen is geen abstracte hoofdstad van moraalpolitiek, maar een havenstad, een logistiek knooppunt, een poort op de wereldmarkt. Iemand die gevormd is door die omgeving zou instinctief moeten begrijpen dat de toekomst toebehoort aan wie toevoerlijnen, energiestromen, productieketens en transportcorridors begrijpt. Niet aan wie denkt dat grote historische verschuivingen kunnen worden tegengehouden met toespraken, thinktank formules of diplomatieke scherpslijperij.
Daarom is het debat over de noordelijke zeeroutes, de Arctische corridor en de zogenaamde Polar Silk Road geen exotische voetnoot, maar een strategisch vraagstuk. Naarmate die verbindingen verder worden uitgebouwd, kunnen goederenstromen tussen Azië en Europa sneller, goedkoper en buiten klassieke chokepoints om bewegen. De vaak aangehaalde vergelijking - ruwweg 18 dagen via de noordelijke route tegenover ongeveer 35 via Suez en nog langer via de Kaaproute - is geen heilige formule, maar ze verduidelijkt waarom Rusland, China en andere Euraziatische actoren zwaar inzetten op die as. Wie dat wegzet als irrelevante propaganda, begrijpt niet hoe geo-economie werkt. Tijd is kapitaal. Energie is kapitaal. Routezekerheid is kapitaal. In de wereld die zich nu vormt, verschuift de macht via infrastructuur.
Europa kan China niet tegelijk nodig hebben en demoniseren
Hetzelfde geldt voor de bredere Euraziatische herordening. Wat in Brussel vaak nog wordt behandeld als een tijdelijke afwijking, is in werkelijkheid een structurele beweging: landen in Azië, het Midden-Oosten en grote delen van het mondiale Zuiden bouwen alternatieve verbindingen uit, verdiepen onderlinge handel, investeren in energiecorridors, havens, spoorlijnen en industriële samenwerking. Niet omdat ze allemaal ideologisch op een lijn zitten, maar omdat zij handelen vanuit materieel belang. Zij willen toegang tot markten, betaalbare energie, strategische ruimte en minder afhankelijkheid van een Westen dat sancties, financiële dwang en politieke voorwaarden te vaak als vanzelfsprekende instrumenten inzet.
"De-risking" mag geen schaamlapje worden voor strategische besluiteloosheid.

Belgian Prime Minister Bart De Wever Meets with Wang Yi
Dat is ook waarom het Europese discours over "de-risking" zo hol klinkt. In theorie betekent het: risico's verminderen, afhankelijkheden spreiden, veerkracht opbouwen. In praktijk betekent het te vaak: een protectionistische reflex zonder industrieel plan, verpakt in technocratische taal. Europa wil de Chinese markt niet verliezen, Europese bedrijven zoals BASF en Volkswagen willen in China blijven of uitbreiden, diplomatieke kanalen blijven open, handelsstromen blijven groot - maar tegelijk wil men doen alsof het hele project gericht is op prudentie in plaats van op machtsstrijd. Zelfs Chinese diplomatieke en mediabronnen hebben die Europese dubbelzinnigheid zonder moeite blootgelegd. Zij wezen er fijntjes op dat België en Europa samenwerking blijven zoeken terwijl hun retoriek harder wordt.
Men hoeft staatsmedia niet te vertrouwen om te erkennen wanneer ze een westerse hypocrisie correct aanwijzen:
- Belgian PM’s latest remarks on EU ‘scared’ of China reveal Europe’s arrogance and lack of objective approach
- Belgian PM is not ‘afraid of China,’ but afraid of taking responsibility
- Belgian Prime Minister Bart De Wever Meets with Wang Yi
En daar zit precies de ideologische zwakte van de huidige Belgische en Europese elite: ze wil tegelijk de voordelen van globalisering behouden en de politieke prijs van een veranderde wereldorde ontlopen. Ze wil handel zonder afhankelijkheid, industrie zonder goedkope energie, geopolitieke spierballen zonder economische offers, sancties zonder terugslag, en morele superioriteit zonder economische fundering. Dat kan niet. Dat heeft nooit gekund. Een beschaving die haar eigen productiebasis verwaarloost, haar energie duur maakt, haar logistieke positie verzwakt en haar bevolking fiscaal uitzuigt, verliest op termijn haar autonomie, ongeacht hoeveel waardenverklaringen ze aflegt.
De opkomst van het mondiale Zuiden is geen slogan, maar een structuurverandering
De opkomst van het mondiale Zuiden wordt in onze media vaak versimpeld tot slogan of propagandaformule, maar de diepere realiteit valt niet weg te redigeren. Macht verspreidt zich. Productie verschuift. Handelsstromen hertekenen zich. Nieuwe allianties ontstaan. Staten die vroeger als periferie werden behandeld, eisen manoeuvreerruimte op en zoeken elkaar op buiten de oude Atlantische kaders. Voor Europa is dat geen reden tot paniek, maar wel een dwingende reden tot heroriëntatie. Alleen ontbreekt die heroriëntatie volledig. In plaats van een nieuwe industriële, energetische en logistieke doctrine op te bouwen, kiest men te vaak voor morele compensatie: harder spreken, scherper etiketteren, vijanden benoemen, de eigen neergang verhullen met retorische hardheid.
Dat is ook wat uw uitspraken zo problematisch maakt. U biedt geen economische strategie voor België. U biedt een vijandbeeld. U biedt geen route uit de stagnatie. U biedt retoriek. U biedt geen materieel plan voor lagere energiekosten, herindustrialisering, fiscale ontlasting of strategische infrastructuur. U biedt een Calimero discours waarin China de plaats inneemt van de andere zondebokken Rusland en Iran: een externe actor die tegelijk gevaarlijk, nodig en propagandistisch bruikbaar is.
Maar België kan zich die intellectuele luiheid niet permitteren. Niet met zijn ligging. Niet met zijn haven. Niet met zijn industrie. Niet met zijn publieke financiën. Niet met zijn burgers die elke maand voelen wat het betekent om te leven in een duur land dat bestuurd wordt alsof economische wetten optioneel zijn.
Daarom deze eenvoudige stelling: België heeft nood aan een economische strategie.
Zo'n strategie zou beginnen met het herwaarderen van energie als ruggengraat van soevereiniteit. Ze zou erkennen dat betaalbare energie geen bijkomstigheid is, maar de voorwaarde voor industriële wederopbouw. Ze zou fiscale druk op arbeid en productie verlagen in plaats van te normaliseren. Ze zou de haven van Antwerpen niet alleen zien als inkomstenbron of prestigeobject, maar als sleutelpunt in een veranderende Euraziatische handelskaart. Ze zou diplomatie voeren vanuit Belgische belangen, niet vanuit modieuze slogans die in NAVO- en EU-kringen goed liggen. Ze zou China benaderen zoals een volwassen staat dat doet: niet als idool, niet als duivel, maar als structurele realiteit waarmee men stevig, nuchter en in eigen voordeel omgaat.
En bovenal zou zo'n strategie breken met de ideologie van de permanente afleiding.
Want dat is uiteindelijk wat het huidige verhaal is: een politiek van afleiding. Zolang men China, Rusland, Iran, "desinformatie", externe dreigingen of mondiale instabiliteit centraal kan stellen, hoeft men minder te spreken over de vraag waarom België ondanks zijn rijkdom, ligging en menselijke talenten steeds minder aanvoelt als een land met vertrouwen in de toekomst. Zolang men de camera's kan bespelen met grote geopolitieke taal, hoeft men minder te antwoorden op de vraag waarom werkenden zo zwaar worden belast, waarom jonge gezinnen zo weinig marge hebben en waarom economische planning vervangen is door beheer van achteruitgang.
- België heeft nood aan goedkope energie
- België heeft nood aan industriële heropbouw
- België heeft nood aan fiscale ademruimte
- België heeft nood aan strategisch realisme
- België heeft nood aan politieke moed die zich niet uit in retoriek, maar in keuzes

Geschiedenis studeren,…
Geschiedenis studeren, economie studeren, zich engageren in de politiek, een land begeleiden vraagt een zeer grote inzet. Maar geschiedenis meemaken, aan de lijve ondervinden tijdens jarenlange ervaring in alle werelddelen is de moeite waard om dat mee te delen aan de bevolking.
Met deze tekst heb ik weer veel bijgeleerd en een standpunt ingenomen om onze leiders grondig te analyseren. Het is een moeilijke taak --- ze hebben goeie mentors nodig.